In deel 2 vertelden we hoe we na een flinke domper in Dieverbrug tóch nog even langs een ander adres in Wittelte reden. We keken vanaf de straat en dachten: dit zou het weleens kunnen zijn. Met een buik vol kriebels en adrenaline reden we terug naar Den Haag.
Bij thuiskomst in Den Haag doken we direct achter de computer. Funda aanslingeren, de verkopende makelaar achterhalen en de volgende ochtend hing Emy meteen aan de telefoon. “Wij hebben interesse in de boerderij in Wittelte!” Het antwoord aan de andere kant van de lijn was een domper. “Helaas, er zijn al bezichtigingen gepland, de kans is heel klein.” Kak. Dat was even flink balen. We lieten het bezinken en zochten maar weer verder. Tot de telefoon een paar dagen later ineens overging. Het was de makelaar van de Wittelterweg: we mochten tóch langskomen voor een bezichtiging! Oh, wat waren we blij. Op de foto zie je hoe de weide er toen uitzag
Een week later reden we weer naar Drenthe. Dit keer zonder onze eigen aankoopmakelaar Jan. Die had het druk en zei lekker nuchter: “Ga maar gewoon kijken. Als het wat is, bel je me maar.”
Aangekomen in Wittelte draaiden we het erf op, waar de verkopende makelaar ons opwachtte. Het eerste aanzicht was prachtig, met direct uitzicht op de paarden van de overbuurman. Maar toen we verder het erf op liepen, voorbij de schuur, gebeurde het. WAUW! Het was zo mooi, zo natuurlijk, haast magisch. Emy en ik keken elkaar aan en voelden precies hetzelfde. Het klopte. Het gevoel, de ruimte, álles.
Ik pakte mijn telefoon. We hadden de binnenkant van het huis nog niet eens gezien, maar we waren tot over onze oren verliefd. Ik belde Jan: “We zijn er nu, dit is het!” Jan moest waarschijnlijk lachen om die twee opgewonden Hagenezen en bracht ons even terug op aarde: “Rustig aan jongens. Kijk eerst even binnen. Ik bel die makelaar morgen wel.”
Na het erf rustig in ons te hebben opgenomen, stapten we het huis uit 1920 binnen. Dat is toch even slikken als je de ruimte in Den Haag gewend bent. Het was klein! Je kwam binnen in de bijkeuken, liep door naar de keuken en zo de huiskamer in. Op de begane grond was een grote slaapkamer en een badkamer… compleet met groene tegeltjes uit de jaren ’70 (toevallig precies Emy’s geboortejaar!).
Via een krakende trap, waar je goed moest bukken om je hoofd niet te stoten, kwamen we op de zolder. Die zag er best prima uit. De makelaar praatte ondertussen honderduit over ‘alle mogelijkheden’, maar heel eerlijk? Ik heb er amper naar geluisterd. We waren gewoon aan het genieten.
Buiten stond een grote, oude schuur vol spinnenraggen. In een hoekje stonden wat gereedschap en héél veel schroefjes. De makelaar vertelde trots dat de vorige bewoner ‘een hele goede timmerman’ was geweest. Nou… dat hebben wij nergens aan af kunnen zien, haha!
Verder stonden er nog twee stallen, een kapschuur en lag er in totaal één hectare grond omheen. Alleen: er lag geen sprietje gras. Het was letterlijk alleen maar zand.
Ook de luxe in huis was ver te zoeken. Geen centrale verwarming, maar een ouderwetse ronde gaskachel en een geiser. Je kunt je voorstellen dat het totaalplaatje niet bepaald een instapklare villa was. Er moest gigantisch veel werk verzet worden. Maar het kon ons niets deren. Het was perfect. We wisten het zeker: dit was de plek voor ons en onze toekomstige dieren.
Even een weekje pauze! Omdat we er zelf even een weekje tussenuit gaan om op te laden, is er volgende week donderdag geen Throwback Thursday.
Maar we laten jullie niet te lang in spanning! De week dáárna zijn we terug met deel 4: Het bod, de zenuwen en de sleuteloverdracht. Ging het lukken om ons droomhuis te bemachtigen?
Leuk dat je weer meelas en tot over twee weken! Groetjes, Patrick & Emy